Toen Hanne en ik (ruim vijftien jaar geleden en na tussenstops in Leuven en Brussel) opnieuw gehoor wilden geven aan de lokroep van Haspengouw, viel ons oog op de voormalige pastorij van Opheers, op een steenworp van de taalgrens, waar Haspengouw/Hebaye wordt.
Die stond al een paar jaar te koop en de enige vaste bewoners waren de ratten in de holle ruimte onder het parket. Het opstijgend- en ander vocht had bijna de plafonds bereikt, isolatie was onbestaande en de ramen (met enkel glas) bleven enkel in de gevel hangen omdat ze dat nu eenmaal al decennia deden.
Elk verstandig mens zou de makelaar vriendelijk bedanken voor zijn tijd en opgelucht terug naar Brussel rijden, in de wetenschap aan een potentiële bodemloze put ontsnapt te zijn.
Gelukkig waren wij geen verstandige mensen toen (dat is waarschijnlijk is dat nogsteeds zo ;-))
Wat maakt dat we, na bloed zweet en tranen, al enkele jaren de eer om jullie hier te mogen ontvangen! Eerst in Wetterdelle, het bijgebouw dat vroeger de meid van de pastoor mocht onderbrengen, later ook in de Lodge, waar ooit de dorpsbewoners voorbereid werden op hun communie of trouw.
Voor De Oude Katsei trokken we naar Jeuk (Gingelom) om iets grotere groepen te kunnen huisvesten.
